1. De afgiftetemperatuur bepaalt bijna alles
De meeste vergelijkingen van verwarmingssystemen beginnen bij het toestel. Dat is de verkeerde volgorde. Wat je installatie kan, hangt eerst af van de temperatuur waarop je woning haar warmte binnenkrijgt: de watertemperatuur die door je radiatoren of je vloerverwarming moet lopen om het huis warm te krijgen op de koudste dag van het jaar. Dat ene getal stuurt het rendement, het benodigde vermogen, de prijs en zelfs of een bepaald systeem sowieso zinvol is. Een verbrandingsketel merkt er weinig van, een warmtepomp merkt er alles van.
Waarom 35 en 55 graden twee verschillende toestellen lijken
Een warmtepomp maakt geen warmte, ze tilt bestaande warmte van een lage naar een hogere temperatuur. De compressor moet daarvoor het verschil overbruggen tussen de bron, meestal buitenlucht of bodem, en de plaats waar de warmte terechtkomt. Hoe groter dat verschil, hoe meer stroom er in gaat. Vloerverwarming draait doorgaans rond 35 graden, klassieke radiatoren in een goed geïsoleerde woning rond 55. Dezelfde machine haalt bij die twee temperaturen een duidelijk verschillend seizoensrendement, en precies daarom geeft het Europese ErP-label de SCOP twee keer op: een keer bij 35 graden en een keer bij 55. Het cijfer bij 35 graden is altijd het hoogste, en dus altijd het cijfer dat in de folder staat. Heb jij radiatoren, dan is dat niet jouw cijfer. Hoe je die waarde correct leest, staat volledig uitgewerkt bij de uitleg over hoe een warmtepomp warmte verplaatst in plaats van maakt.
Hoe je vandaag te weten komt op welke temperatuur je draait
Je hoeft daarvoor geen studiebureau in te schakelen. Zet op een echt koude dag de stooklijn of de vertrektemperatuur van je ketel stap voor stap lager, telkens met vijf graden, en kijk of alle kamers nog op temperatuur raken. De laagste stand waarbij dat lukt, is de temperatuur waarmee je moet rekenen. Blijkt 70 graden nodig, dan is niet je toestel het probleem maar je isolatiegraad of je afgiftevlak. Beide zijn aan te pakken: eerst de schil aanpakken verlaagt de vraag, grotere radiatoren of ventiloconvectoren verlagen de nodige temperatuur bij dezelfde vraag. Elke graad die je zo wint, verhoogt het rendement van het systeem dat je daarna kiest.
| Afgiftesysteem | Typische watertemperatuur | Gevolg voor je systeemkeuze |
|---|---|---|
| Vloerverwarming | Rond 35 graden | Alle systemen mogelijk, warmtepomp op haar best; reken met de SCOP bij 35 graden |
| Ruime radiatoren of ventiloconvectoren | Rond 45 graden | Warmtepomp goed werkbaar, ook in renovatie |
| Klassieke radiatoren, goed geïsoleerd | Rond 55 graden | Warmtepomp werkt, maar reken met de SCOP bij 55 graden |
| Klassieke radiatoren, matig geïsoleerd | 65 graden of meer | Eerst isoleren of afgifte vergroten, anders hybride of ketel |
| Sanitair warm water | Rond 55 tot 60 graden | De duurste taak voor een warmtepomp; een apart toestel kan lonen |

2. De zes systemen die er in Vlaanderen toe doen
Onder de honderden productnamen zitten zes manieren om een woning te verwarmen. Vier daarvan verbranden iets, een verplaatst warmte en een zet stroom rechtstreeks om. De tabel hieronder zet ze naast elkaar op de vier punten die je factuur en je agenda raken: wat de installatie geplaatst kost, waarop ze draait, wat het periodieke onderhoud wettelijk vraagt en waar het systeem thuishoort. De secties daarna werken elk systeem apart uit.
Wat de tabel wel en niet zegt
De prijzen in deze tabel zijn richtprijzen geplaatst, inclusief installatie en zonder premie. Ze zeggen niets over de kost per jaar, want die hangt af van je warmtevraag, je tarief en het rendement van je afgifte. Die oefening staat verderop in een aparte sectie, met de aannames erbij. Wie de prijzen per warmtepomptype in detail wil, met wat er allemaal buiten de offerteprijs valt, vindt dat bij de uitsplitsing van wat zo een toestel geplaatst kost.
| Systeem | Richtprijs geplaatst | Energiedrager | Wettelijk periodiek onderhoud in Vlaanderen |
|---|---|---|---|
| Condensatieketel op gas | 2.500 tot 5.000 euro | Aardgas | Tweejaarlijks, door een erkend technicus |
| Stookolieketel | 4.000 tot 8.000 euro | Stookolie | Jaarlijks, door een erkend technicus |
| Lucht-water warmtepomp | 8.000 tot 15.000 euro | Elektriciteit | Geen algemene verplichting |
| Hybride warmtepomp | 5.000 tot 7.000 euro | Elektriciteit en gas | Ketelzijde tweejaarlijks, pompzijde niet verplicht |
| Pelletkachel of pelletketel | 4.000 tot 15.000 euro | Houtpellets | Jaarlijks, plus reiniging van het rookkanaal |
| Elektrische verwarming | Lage aankoopprijs per toestel | Elektriciteit | Geen verbrandingsonderhoud van toepassing |
3. De condensatieketel op gas
De condensatieketel is nog altijd het meest geplaatste systeem in Vlaanderen, en dat heeft weinig met traagheid te maken. Het toestel is compact, goedkoop in aanschaf, levert moeiteloos hoge temperaturen en gaat overweg met elke bestaande radiatorinstallatie. De condensatietechniek haalt bovendien de warmte uit de rookgassen terug, wat het rendement op onderwaarde boven de honderd procent brengt. Dat cijfer is een rekenkundige conventie en geen magie: het betekent gewoon dat de ketel ook de energie in de waterdamp benut.
Wanneer een gasketel de nuchtere keuze blijft
Bij een defecte ketel midden in de winter, in een matig geïsoleerde woning met radiatoren op hoge temperatuur en zonder budget om eerst de schil aan te pakken, is een nieuwe condensatieketel vaak de verstandigste beslissing. De investering blijft beperkt, de plaatsing duurt een dag en je koopt vijftien jaar tijd. Belangrijk is dan wel dat je die tijd gebruikt: isoleer verder, verlaag je stooklijn, en laat de installatie zo achter dat er later een warmtepomp naast kan. Voor het rendement van je ketel geldt dat een lagere retourtemperatuur meer condensatie oplevert, dus ook hier werkt lagetemperatuurafgifte in je voordeel.
De grenzen die de regelgeving stelt
Een bestaande gasketel vervangen mag. Wat niet meer kan, is een gasaansluiting krijgen bij nieuwbouw waarvoor de vergunning recent is aangevraagd; de exacte afbakening per woningtype verschilt en staat als controlepunt in ons onderzoeksbestand. Een premie voor een nieuwe gasketel bestaat niet, terwijl warmtepompen wel gesteund worden. Wie de steunbedragen per techniek en per gewest naast elkaar wil leggen, vindt dat bij het overzicht van de premies per gewest.
4. De stookolieketel
Stookolie was decennialang de standaard buiten de bebouwde kom, en in veel Vlaamse woningen staat er nog een ketel met een tank in de kelder of in de tuin. De techniek is robuust en je bent onafhankelijk van een leidingnet, maar je koopt je brandstof in grote hoeveelheden vooruit en bent daarmee blootgesteld aan de prijs op het moment van levering. Het rendement van een moderne condenserende stookolieketel ligt lager dan dat van een gasketel, en het onderhoud is intensiever omdat de verbranding vuiler is.
Wat er in Vlaanderen niet meer mag
De ruimte om opnieuw voor stookolie te kiezen is klein geworden. In een nieuwbouwwoning mag geen stookolieketel meer geplaatst worden. Bij een ingrijpende energetische renovatie mag het evenmin. En in een bestaande woning mag je je stookolieketel niet vervangen wanneer er in de straat een aansluiting op het aardgasnet mogelijk is. De brander vervangen of kleine herstellingen uitvoeren aan een bestaande ketel blijft wel toegestaan. In Brussel en Wallonië gelden eigen, deels strengere regels, dus controleer altijd de bepaling van jouw gewest.
De terugkerende kost die je niet mag vergeten
Een stookolieinstallatie vraagt in Vlaanderen jaarlijks onderhoud door een erkend technicus, tegenover tweejaarlijks bij gas. Over vijftien jaar is dat een verdubbeling van het aantal beurten. Daar komt de periodieke controle van de tank bij, en bij een ondergrondse tank een dichtheidscontrole. Wie de totale kost van eigendom vergelijkt, moet die beurten meetellen; ze verdwijnen zelden in een offertevergelijking maar wel in het huishoudbudget.
5. De warmtepomp
Een warmtepomp haalt het grootste deel van de energie die ze levert uit de omgeving en gebruikt stroom alleen om die warmte op te tillen. Daardoor levert ze meer kilowattuur warmte dan ze kilowattuur stroom verbruikt, doorgaans een factor drie tot vijf. Die factor is geen productkenmerk maar een resultaat van jouw installatie: bron, afgiftetemperatuur, dimensionering en regeling bepalen samen waar je uitkomt. Vandaar dat dezelfde machine bij de ene buur schittert en bij de andere tegenvalt.
De vijf types en waar ze thuishoren
Lucht-lucht blaast warme lucht in de ruimte en kost geplaatst 4.000 tot 8.500 euro. Lucht-water verwarmt water voor je bestaande circuit en kost 8.000 tot 15.000 euro. Bodem-water haalt warmte uit boringen of een horizontale lus, tegen 12.500 tot 19.000 euro. Water-water gebruikt grondwater en loopt van 18.000 tot 25.000 euro. Test-Aankoop situeert een lucht-water van 10 kW rond 11.000 euro en waarschuwt dat een slecht geïsoleerd gebouw 25 kW kan vragen, wat de investering meteen in een andere categorie tilt. De volledige afweging per bron staat bij de vergelijking van de vijf types op bron en afgifte.
Premie, btw en het capaciteitstarief
Voor aanvragen vanaf 1 maart 2026 loopt de Vlaamse premie van 4.000 tot 8.000 euro voor geothermisch, 1.500 tot 6.000 euro voor lucht-water, 800 tot 4.000 euro voor hybride en 300 tot 600 euro voor lucht-lucht, telkens begrensd door een percentage van de factuur. Voor lucht-lucht met actieve koelfunctie geldt sinds diezelfde datum dat het toestel de enige centrale verwarming moet zijn en de woning volledig fossielvrij, dus ook zonder gasfornuis. Daarnaast geldt 6 procent btw op warmtepompen van 1 januari 2026 tot 31 december 2030 bij levering met installatie, terwijl een toestel dat enkel koelt op 21 procent blijft. Reken tot slot met je nettarief: het capaciteitstarief rekent op de kwartierpiek, en zowel een warmtepomp als haar elektrische bijverwarming duwen die piek omhoog. Wat je daaraan kan doen, staat bij de kwartierpiek die je nettarief bepaalt, en de voorwaarden zelf bij de premievoorwaarden zoals ze sinds maart 2026 gelden.
6. De hybride opstelling
Een hybride systeem koppelt een kleine warmtepomp aan een bestaande of nieuwe ketel. De warmtepomp neemt het grootste deel van het stookseizoen voor haar rekening, bij milde temperaturen en dus bij haar beste rendement, en de ketel springt bij wanneer het buiten hard vriest of wanneer er een piek in de vraag zit. Geplaatst kost zo een opstelling 5.000 tot 7.000 euro, waarmee ze goedkoper uitvalt dan een volwaardige lucht-water warmtepomp.
Voor wie de tussenstap werkt
Hybride is aantrekkelijk in een woning met klassieke radiatoren die op koude dagen echt 65 of 70 graden vraagt, maar het grootste deel van het jaar met veel minder toekomt. Je vangt het gemakkelijke deel van de warmtevraag af met een hoog rendement en laat het lastige deel over aan de ketel, zonder je afgifte te moeten vervangen. Het omslagpunt waarop de ketel overneemt, is een instelling en geen natuurwet: wie die verkeerd zet, laat de ketel te vroeg of te lang draaien. Hoe die sturing werkt, staat bij de opstelling waarbij je ketel bijspringt.
Waarom het een tussenstap blijft
Je houdt een gasaansluiting, een tweede toestel en dus ook de tweejaarlijkse onderhoudsplicht op de ketelzijde. Je betaalt bovendien twee keer een vast leveringsstuk op je energiefactuur. Hybride is daarom sterk als brug voor een woning die stap voor stap gerenoveerd wordt, en zwakker als eindpunt voor een woning die na de renovatie op lage temperatuur draait. Wie de renovatie toch plant, kijkt best eerst naar de werken die je energiescore echt omlaag halen voordat hij het toestel kiest.
7. Pelletkachel en pelletketel
Pellets zijn geperste houtresten met een hoge energiedichtheid en een laag vochtgehalte, waardoor ze schoner en constanter branden dan gewoon brandhout. Een pelletkachel verwarmt een ruimte en kan via een luchtverdeling enkele aangrenzende kamers meenemen. Een pelletketel vervangt je cv-ketel volledig en voedt je bestaande radiatoren of vloerverwarming, met een automatische aanvoer vanuit een silo of een voorraadbak.
Waar de kosten zich verstoppen
Het toestel is maar een deel van de rekening. Je hebt een droge opslagruimte nodig, een aanvoersysteem, een aangepast rookkanaal en, bij een silo, voldoende plaats voor een blaaslevering. Daar komt bediening bij: de asbak leegmaken, de warmtewisselaar borstelen, jaarlijks onderhoud en het reinigen van het rookkanaal. Pellets zijn ook een goederenmarkt met een eigen prijsverloop, dus de brandstofkost is minder voorspelbaar dan velen aannemen. Wie deze route overweegt, moet dus niet alleen naar de kWh-prijs kijken maar ook naar de tijd die het systeem vraagt.
8. Elektrische verwarming en infrarood
Directe elektrische verwarming, of dat nu een convector, een elektrische radiator of een infraroodpaneel is, zet elke kilowattuur stroom om in exact een kilowattuur warmte. Op toestelniveau klinkt dat als honderd procent rendement, maar dat is precies de reden waarom het duur uitvalt: een warmtepomp haalt met dezelfde kilowattuur drie tot vijf keer zoveel warmte binnen. Elektrisch verwarmen is dus geen zuinige technologie, wel een goedkope en eenvoudige installatie.
Waar elektrisch verwarmen wel klopt
In een kleine, goed geïsoleerde ruimte die je zelden en kort verwarmt, weegt de lage investering op tegen het hoge verbruik. Denk aan een badkamer, een bureau achteraan de tuin of een logeerkamer. Infrarood werkt daarbij gericht: het paneel verwarmt oppervlakken en personen in plaats van de hele luchtmassa, wat bij kort gebruik sneller als comfortabel aanvoelt. Als hoofdverwarming van een volledige woning is de rekening echter zelden rond te krijgen, tenzij de warmtevraag door zeer goede isolatie extreem laag ligt.
De piek die je factuur stuurt
Elektrische verwarming trekt haar volle vermogen in een keer. Schakelen er meerdere toestellen tegelijk in, dan tilt dat je kwartierpiek omhoog en dus ook je capaciteitstarief, bovenop het verbruik zelf. Spreid daarom grote verbruikers en laat een boiler niet samen met de verwarming opstarten. Wie zelf stroom opwekt, dekt een deel van de kost af, al valt de warmtevraag in december samen met de laagste opbrengst van stroom van je eigen dak. Voor een split die zowel koelt als verwarmt, en dus technisch een lucht-lucht warmtepomp is, staat de uitleg bij een split die in de winter ook verwarmt.
9. Onderhoudsplicht en keuring: het verschil dat vijftien jaar meegaat
Dit is het punt dat in vrijwel geen enkele vergelijking staat, terwijl het een terugkerende kost is die zich over de levensduur opstapelt. In Vlaanderen is periodiek onderhoud van een centrale verwarmingsinstallatie wettelijk verplicht, maar de frequentie hangt af van de brandstof: tweejaarlijks voor aardgas en jaarlijks voor vloeibare brandstoffen zoals stookolie. Het onderhoud moet gebeuren door een erkend technicus, die daarna een reinigings- en verbrandingsattest aflevert.
De verwarmingsaudit die er bovenop komt
Naast het onderhoud bestaat er een verwarmingsaudit. Die geldt voor centrale installaties met een nominaal vermogen vanaf 20 kW zodra ze vijf jaar in gebruik zijn, en wordt daarna periodiek herhaald. Bij een gasketel valt de eerste audit samen met het eerste onderhoud nadat het toestel vijf jaar oud is. De technicus gaat daarbij na of de installatie en haar rendement nog afgestemd zijn op je warmtebehoefte, wat vooral relevant is in een woning die intussen beter geïsoleerd werd.
Wat een warmtepomp anders maakt
Voor een warmtepomp bestaat er in principe geen algemene wettelijke onderhoudsverplichting. Wat wel geldt, zijn de Europese F-gassenregels: boven een bepaalde koelmiddeldrempel is een periodieke lekdichtheidscontrole verplicht met een logboek, en werken aan het koelmiddelcircuit mag altijd alleen door een erkend koeltechnicus. Veel toestellen voor een eengezinswoning blijven onder die drempel. Dat betekent niet dat onderhoud overbodig is, want een vervuilde verdamper of een verkeerd ingestelde stooklijn kost je sluipend rendement, maar het is jouw keuze in plaats van een verplichting. Tel dat verschil over vijftien jaar op en het weegt mee in de vergelijking.
| Systeem | Periodiek onderhoud | Verwarmingsaudit | Extra verplichting |
|---|---|---|---|
| Condensatieketel op gas | Tweejaarlijks | Vanaf 20 kW, na vijf jaar in gebruik | Attest door erkend technicus |
| Stookolieketel | Jaarlijks | Vanaf 20 kW, na vijf jaar in gebruik | Controle van de tank |
| Warmtepomp | Geen algemene verplichting | Niet van toepassing | F-gassen: lekcontrole boven de drempel |
| Hybride opstelling | Tweejaarlijks op de ketelzijde | Volgt de ketel | Twee toestellen, twee onderhoudsregimes |
| Pelletketel of pelletkachel | Jaarlijks | Vanaf 20 kW bij een centrale ketel | Reiniging van het rookkanaal |
| Elektrische verwarming | Geen verbrandingsonderhoud | Niet van toepassing | Elektrische keuring bij werken aan de installatie |
10. Wat verwarmen per jaar kost, met de aannames erbij
Een jaarkost zonder aannames is een verkooppraatje. Daarom staat hier eerst wat we invullen, en pas daarna het resultaat. We rekenen met een nuttige warmtevraag van 15.000 kWh per jaar, wat overeenkomt met een gemiddelde gezinswoning die redelijk maar niet uitzonderlijk geïsoleerd is. We rekenen met een all-in gasprijs van 0,10 euro per kWh, een all-in elektriciteitsprijs van 0,35 euro per kWh, stookolie aan 0,11 euro per kWh en pellets aan 0,08 euro per kWh. Die vier tarieven zijn rekenaannames en geen marktnotering: vul je eigen tarieven van je laatste factuur in, want de rangorde kan daardoor kantelen.
De rendementen die we invullen
Voor de condensatieketel op gas rekenen we met een jaarrendement van 0,95, voor de stookolieketel met 0,90 en voor de pelletketel met 0,85. Voor de warmtepomp tonen we twee scenario's: een seizoensrendement van 3,0 bij afgifte op 55 graden en een van 4,3 bij afgifte op 35 graden. Voor de hybride opstelling nemen we aan dat de warmtepomp 70 procent van de warmtevraag levert aan een seizoensrendement van 3,5 en dat de gasketel de resterende 30 procent levert. Directe elektrische verwarming zetten we op 1,0. Verandert een van deze aannames, dan verandert de uitkomst evenredig.
| Systeem bij de aannames hierboven | Energie-input per jaar | Jaarkost in het rekenvoorbeeld |
|---|---|---|
| Condensatieketel op gas, rendement 0,95 | 15.789 kWh gas | Ongeveer 1.579 euro |
| Stookolieketel, rendement 0,90 | 16.667 kWh stookolie | Ongeveer 1.833 euro |
| Pelletketel, rendement 0,85 | 17.647 kWh pellets | Ongeveer 1.412 euro |
| Warmtepomp bij 55 graden, SCOP 3,0 | 5.000 kWh stroom | Ongeveer 1.750 euro |
| Warmtepomp bij 35 graden, SCOP 4,3 | 3.488 kWh stroom | Ongeveer 1.221 euro |
| Hybride, 70 procent pomp bij 3,5 en 30 procent ketel | 3.000 kWh stroom plus 4.737 kWh gas | Ongeveer 1.524 euro |
| Directe elektrische verwarming, rendement 1,0 | 15.000 kWh stroom | Ongeveer 5.250 euro |
Wat deze tabel bewijst en wat niet
Ze bewijst een ding: dezelfde warmtepomp valt in dit voorbeeld bij 55 graden duurder uit dan een gasketel en bij 35 graden goedkoper. Dat is exact het punt uit de eerste sectie. Ze bewijst niet dat het bij jou zo is, want jouw tarieven, jouw warmtevraag en jouw afgifte wijken af. Reken bovendien nog het capaciteitstarief mee bij de elektrische scenario's, en het onderhoud uit de vorige sectie bij de scenario's met verbranding. Wie eerst wil weten waar zijn energie weglekt voordat hij een toestel kiest, vindt de volgorde bij de plaatsen waar energie het snelst wegloopt.
11. Vergeet je sanitair warm water niet
Verwarming en warm water worden vaak in een adem genoemd, maar het zijn twee taken met een heel ander temperatuurprofiel. Ruimteverwarming kan op 35 graden, sanitair warm water vraagt 55 tot 60 graden, ook om legionella te vermijden. Voor een verbrandingsketel maakt dat weinig verschil. Voor een warmtepomp is het de zwaarste vraag van het jaar, precies omdat de compressor tegen een groter temperatuurverschil in moet werken.
Waarom een apart toestel vaak beter uitkomt
Wie zijn ruimteverwarming op lage temperatuur zet en zijn warm water door hetzelfde toestel laat maken, dwingt die machine om afwisselend op twee heel verschillende regimes te draaien. Een aparte oplossing houdt beide taken uit elkaar en laat de verwarming laag draaien. Hoe zo een toestel werkt, waar het moet staan en wat het opbrengt, staat bij een apart toestel voor sanitair warm water. Voor je huidige situatie geldt: kijk na op welke temperatuur je boiler staat, want elke graad minder scheelt rechtstreeks op je factuur.
12. De volgorde waarin je beslist
De meeste teleurstellingen ontstaan doordat het toestel als eerste gekozen wordt. Dat is de laatste stap. Deze volgorde levert consistent betere beslissingen op, omdat elke stap de volgende beperkt in plaats van omgekeerd, en omdat je pas offertes vraagt wanneer je weet wat je nodig hebt.
Zes stappen, in deze volgorde
- Beperk de warmtevraag. Dak, ramen en luchtdichtheid eerst; een lagere vraag maakt elk toestel kleiner en goedkoper.
- Bepaal je afgiftetemperatuur. Zak stap voor stap met je stooklijn en noteer de laagste stand die op een koude dag nog volstaat.
- Laat het warmteverlies berekenen. Per ruimte, en niet door het vermogen van je oude ketel over te nemen.
- Kies pas dan het systeem, op basis van de tabellen hierboven en van wat je woning aan afgifte toelaat.
- Reken premie, btw en nettarief door, inclusief het effect op je kwartierpiek bij elektrische scenario's.
- Vergelijk minstens drie offertes met vermogensberekening, afgiftetemperatuur, SCOP bij die temperatuur en een verbruiksinschatting.
Waar je energiescore in het verhaal past
Je EPC geeft een gestandaardiseerd beeld van je woningschil en bevat aanbevelingen die vaak precies de werken opsommen die je afgiftetemperatuur kunnen verlagen. Het is dus geen administratieve formaliteit maar een bruikbaar vertrekpunt voor een verwarmingsbeslissing. Wat het certificaat wel en niet meet, staat bij wat je energielabel over je woning zegt. Doorloop de zes stappen hierboven in die volgorde en je koopt geen toestel dat na de renovatie te groot blijkt.

Veelgestelde vragen
Wat is de goedkoopste manier om een woning te verwarmen?
Dat hangt af van je afgiftetemperatuur en je tarieven. In het rekenvoorbeeld op deze pagina, met 15.000 kWh warmtevraag, gas aan 0,10 euro per kWh en stroom aan 0,35 euro per kWh, komt een warmtepomp bij 35 graden het goedkoopst uit en directe elektrische verwarming veruit het duurst. Vul altijd je eigen tarieven in.
Mag ik in 2026 nog een gasketel plaatsen?
Een bestaande gasketel vervangen door een nieuwe mag. Wat niet meer kan, is een gasaansluiting krijgen bij nieuwbouw met een recente vergunningsaanvraag. Er bestaat ook geen premie meer voor een nieuwe gasketel, terwijl warmtepompen wel gesteund worden.
Mag ik mijn stookolieketel nog vervangen?
Niet in nieuwbouw en niet bij een ingrijpende energetische renovatie. In een bestaande woning mag het niet wanneer er in de straat een aansluiting op het aardgasnet mogelijk is. De brander vervangen of kleine herstellingen uitvoeren aan je bestaande ketel blijft wel toegestaan.
Hoe vaak is onderhoud van mijn verwarming wettelijk verplicht?
In Vlaanderen is periodiek onderhoud van een centrale verwarmingsinstallatie verplicht: tweejaarlijks voor aardgas en jaarlijks voor vloeibare brandstoffen zoals stookolie. Het moet gebeuren door een erkend technicus, die je daarna een attest bezorgt.
Moet een warmtepomp ook wettelijk onderhouden worden?
In principe niet. Voor een warmtepomp bestaat geen algemene onderhoudsverplichting zoals bij een gas- of stookolieketel. Wel gelden de F-gassenregels: boven een bepaalde koelmiddeldrempel is een periodieke lekcontrole met logboek verplicht, en werken aan het koelmiddelcircuit mag alleen door een erkend koeltechnicus.
Wat is een verwarmingsaudit en wanneer geldt die?
Een verwarmingsaudit is een grondiger onderzoek waarbij een erkend technicus nagaat of je installatie en haar rendement nog afgestemd zijn op je warmtebehoefte. Ze geldt voor centrale installaties vanaf 20 kW zodra die vijf jaar in gebruik zijn, en wordt daarna periodiek herhaald.
Waarom staan er twee SCOP-waarden op het label van een warmtepomp?
Omdat het Europese ErP-label het seizoensrendement opgeeft bij twee vertrektemperaturen: 35 graden en 55 graden. Het cijfer bij 35 graden is altijd hoger en staat daarom meestal in de folder. Heb je klassieke radiatoren, dan is de waarde bij 55 graden jouw cijfer.
Is elektrische verwarming een goed idee als hoofdverwarming?
Zelden. Elke kilowattuur stroom levert exact een kilowattuur warmte, terwijl een warmtepomp met dezelfde stroom drie tot vijf keer zoveel warmte binnenhaalt. Elektrisch verwarmen is wel zinvol in een kleine, goed geïsoleerde ruimte die je kort en zelden verwarmt, of als bijverwarming.
