Opbrengst zonnepanelen in België: wat je dak echt oplevert

PVGIS, het rekenmodel van het Joint Research Centre van de Europese Commissie, komt voor een dak in Brussel op het zuiden met 35 graden helling uit op 1.039 kWh per kWp per jaar. Belgische installateurs en energieleveranciers publiceren doorgaans 850 tot 1.000 kWh per kWp. Dat verschil komt niet uit de zon maar uit de aannames: helling, oriëntatie, schaduw en hoeveel systeemverlies iemand inrekent. Op deze pagina staat bij elk cijfer welke aanname eronder ligt, zodat je een offerte kunt narekenen in plaats van geloven. Je vindt de opbrengst per oriëntatie en hellingshoek, per maand, per dag, per paneel en per vierkante meter. En je leest waarom een kilowattuur op je omvormerdisplay iets heel anders waard is dan een kilowattuur die je meteen zelf verbruikt.

  • 100% gratis en vrijblijvend
  • Snel en eenvoudig aangevraagd
  • Jij vergelijkt en beslist zelf

Vraag gratis offertes aan

Rij zonnepanelen op een hellend dak in Vlaanderen met de jaaropbrengst in kilowattuur per kilowattpiek

1. Wat zonnepanelen in België opbrengen per kWp

De enige eenheid waarmee je opbrengst zinvol kunt vergelijken is kilowattuur per kilowattpiek per jaar, afgekort kWh per kWp. Kilowattpiek is het vermogen dat je panelen leveren onder standaardtestomstandigheden: 1.000 watt instraling per vierkante meter bij een celtemperatuur van 25 graden. Het is een laboratoriumgetal en het staat op je offerte. Wat je dak er per jaar mee doet, hangt af van waar het staat en hoe het gericht is.

Voor een referentiedak in Brussel, gericht op het zuiden, met een helling van 35 graden en 14 procent systeemverlies, berekent PVGIS 1.039 kWh per kWp per jaar. PVGIS is het rekenmodel van het Joint Research Centre van de Europese Commissie en gebruikt de stralingsdatabank PVGIS-SARAH2, een gemiddelde over de jaren 2005 tot en met 2020. Een installatie van 5 kWp op dat dak komt dus op ongeveer 5.194 kWh per jaar. Voor 3 kWp is dat 3.116 kWh, voor 6 kWp 6.232 kWh en voor 8 kWp 8.310 kWh.

De maximale opbrengst die in België haalbaar is

Zoekers vragen vaak naar de maximale opbrengst. Als je alles goed doet, ligt die grens dichterbij dan je denkt. PVGIS berekent dat de werkelijk optimale stand in Brussel een helling van 39 graden is bij een azimut van 3 graden oost van zuid, goed voor 1.041 kWh per kWp. Dat is 2,2 kWh per kWp meer dan het gewone zuiddak van 35 graden, ofwel 0,2 procent. Aan de kust ligt de lat hoger: Oostende haalt bij dezelfde configuratie 1.123 kWh per kWp. Boven de 1.150 kWh per kWp komt een gewoon Belgisch dak met dezelfde verliesaanname niet.

Waarom de ene bron 850 noemt en de andere 1.039

Op de eerste zoekresultatenpagina lopen de cijfers van 850 tot 1.100 kWh uiteen. KBC schrijft dat 1 kWp in België ongeveer 850 kWh per jaar opwekt. Homedeal noemt 850 tot 1.000. Cebeo rekent met een paneel van 300 watt dat 250 tot 300 kWh levert, wat neerkomt op 833 tot 1.000 kWh per kWp. Die spreiding van bijna dertig procent komt niet doordat de ene bron een andere zon ziet. Ze komt doordat een conservatieve bron een lagere helling, een schuine oriëntatie, wat schaduw en een royaler verliespercentage in het cijfer verstopt, en dat er vervolgens gemiddelde boven zet. Vraag altijd door: welke oriëntatie, welke helling, welk systeemverlies.

De regionale spreiding binnen België

Geen enkele bron op de eerste zoekpagina maakt onderscheid tussen locaties in België, terwijl dat verschil groter is dan het verschil tussen 30 en 45 graden helling. Bij een identiek zuiddak van 35 graden berekent PVGIS 1.123 kWh per kWp voor Oostende, 1.066 voor Brugge, 1.057 voor Hasselt, 1.050 voor Gent, 1.042 voor Antwerpen en 1.039 voor Brussel. Oostende ligt daarmee 8,1 procent boven Brussel. De kust krijgt meer directe straling en heeft minder stedelijke horizonbelemmering. Wie in Knokke een nationaal gemiddelde gebruikt, doet zijn eigen dak dus tekort.

2. De rekenregel: van kilowattpiek naar kilowattuur

De basisformule is kort. Vermenigvuldig je piekvermogen in kWp met de jaaropbrengst per kWp voor jouw locatie, en corrigeer die laatste met de index voor jouw oriëntatie en helling. Een installatie van 14 panelen van 430 Wp is 6,02 kWp. Op een zuiddak van 35 graden in Gent geeft dat 6,02 maal 1.050, ofwel 6.321 kWh per jaar. Ligt hetzelfde dak op het westen, dan vermenigvuldig je met de index 78 procent en kom je op 4.930 kWh.

Die index is het stuk dat in de meeste berekeningen ontbreekt. De tabel in de volgende sectie geeft hem voor elke combinatie van oriëntatie en hellingshoek. Wat je verder nog nodig hebt, is een eerlijke inschatting van schaduw, want die zit niet in een standaardmodel. Wil je weten hoeveel vermogen je überhaupt op je dak kwijt kunt, dan hoort die vraag thuis bij het bepalen van het aantal panelen.

Wat er in die 14 procent systeemverlies zit

PVGIS rekent standaard met 14 procent systeemverlies. Zonder dat verlies zou hetzelfde Brusselse zuiddak 1.208 kWh per kWp leveren; met het verlies blijft 1.039 over. Die 169 kWh per kWp per jaar is geen boekhoudkundige truc maar een optelsom van reële verliesposten. Het is precies het getal waarmee offertes schuiven: wie 8 procent inrekent komt op 1.111 kWh uit, wie 20 procent inrekent op 966 kWh, met exact dezelfde zon en hetzelfde dak.

Waar de standaard 14 procent systeemverlies vandaan komt, met de gevolgen voor een Brussels zuiddak van 35 graden
VerliespostAardBeïnvloedbaar?
OmvormerrendementOmzetting van gelijkstroom naar wisselstroom, doorgaans 2 tot 4 procentBeperkt, via merkkeuze
TemperatuurCeltemperatuur boven 25 graden verlaagt het momentaan vermogenVia ventilatie achter de panelen
Kabels en aansluitingenOhmse verliezen in de gelijkstroom- en wisselstroombekabelingJa, via kabeldikte en lengte
Mismatch tussen panelenPanelen in een string presteren nooit exact gelijkVia optimizers of micro-omvormers
Reflectie bij lage zonnestandLicht dat onder een scherpe hoek van het glas afkaatstNee
Vuil op het glasStof, pollen, mos, vogelpoepJa, zie sectie 7
Totaal in het PVGIS-model14 procent, ofwel 169 kWh per kWp per jaarDeels

Rekentools en calculators die iets waard zijn

Er wordt veel gezocht naar een calculator of rekentool voor de opbrengst. De meeste tools van installateurs vragen je postcode en je verbruik en spuwen daarna een bedrag uit dat vooral bedoeld is om een offerteaanvraag uit te lokken. Twee bronnen zijn wel bruikbaar. PVGIS zelf is gratis, vraagt je coördinaten, helling, oriëntatie en verliespercentage, en toont het resultaat per maand. De Vlaamse Zonnekaart tekent je eigen dakvlakken in en kleurt ze op basis van de instraling: donkergroen en groen vanaf 1.000 kWh per vierkante meter per jaar, geel vanaf 800, oranje daaronder. Gebruik een installateurstool hooguit als sanity check op de twee andere.

3. Oriëntatie en hellingshoek: de tabel die zelden getoond wordt

Dit is de kern van de pagina. Onderstaande tabel toont de jaaropbrengst in kWh per kWp voor Brussel, bij elke combinatie van oriëntatie en hellingshoek, met tussen haakjes de index ten opzichte van het referentiedak op het zuiden met 35 graden. Alle waarden komen uit PVGIS met dezelfde aannames: kristallijn silicium, vrijstaande montage, 14 procent systeemverlies, stralingsdata 2005 tot 2020. Bij 0 graden ligt het paneel vlak en verdwijnt het verschil tussen de oriëntaties, vandaar dat die kolom voor alle rijen hetzelfde getal geeft.

Jaaropbrengst in kWh per kWp per jaar in Brussel per oriëntatie en hellingshoek, met de index ten opzichte van zuid 35 graden (PVGIS, 14 procent systeemverlies)
OriëntatiePlat (0°)10°20°30°35°45°60°Gevel (90°)
Oost869 (84%)867 (83%)858 (83%)842 (81%)832 (80%)802 (77%)733 (71%)526 (51%)
Zuidoost869 (84%)923 (89%)960 (92%)981 (94%)984 (95%)976 (94%)925 (89%)700 (67%)
Zuid869 (84%)944 (91%)998 (96%)1.031 (99%)1.039 (100%)1.037 (100%)990 (95%)746 (72%)
Zuidwest869 (84%)919 (88%)953 (92%)970 (93%)972 (94%)961 (93%)907 (87%)682 (66%)
West869 (84%)861 (83%)847 (82%)827 (80%)815 (78%)783 (75%)715 (69%)515 (50%)
Noord869 (84%)---550 (53%)---

Zuid tegenover een oost-westopstelling

De klassieke keuze op een plat dak is zuid met een steile hoek, of een oost-westopstelling met een flauwe hoek. PVGIS geeft voor een oost-westopstelling van 15 graden een gemiddelde van 859 kWh per kWp: 863 aan de oostkant en 855 aan de westkant. Dat is 83 procent van het zuiddak van 35 graden. Je levert dus ongeveer een zesde van je jaaropbrengst in. Daar staat tegenover dat je productiecurve breder wordt: de oostkant piekt in de ochtend, de westkant in de namiddag. Omdat je in Vlaanderen alleen echt geld verdient aan wat je zelf verbruikt, kan die bredere curve financieel gunstiger uitpakken dan de hogere maar smallere zuidpiek. Sectie 10 rekent dat door.

Plat dak, gevel en noord

Een paneel dat vlak op een plat dak ligt haalt 869 kWh per kWp, precies 84 procent van het zuiddak. Dat is minder slecht dan de reputatie van het platte dak doet vermoeden. Een zuidgevel, dus verticaal op 90 graden, komt op 746 kWh per kWp of 72 procent. Voor gevelpanelen en balkonpanelen is dat een verrassend hoog getal, en de winterverdeling is er zelfs gunstiger dan op een dak. Alleen noord doet echt pijn: 550 kWh per kWp op 35 graden, ofwel 53 procent. Een noorddak vult je jaaropbrengst dus tegen dubbele kosten per kilowattuur.

Waarom de discussie over de ideale hoek overtrokken is

Kijk in de tabel naar de rij zuid. Tussen 20 en 45 graden ligt alles tussen 998 en 1.039 kWh per kWp, een spreiding van 4 procent. Zelfs 60 graden houdt nog 95 procent over. De hellingshoek van je bestaande dak is dus vrijwel nooit een reden om af te zien van panelen, en een offerte die extra kosten rekent voor een opstelling die de hoek corrigeert, moet die kosten kunnen terugverdienen op een winst van hooguit enkele procenten. Oriëntatie weegt zwaarder dan helling, en schaduw weegt zwaarder dan allebei.

4. Opbrengst per maand en per seizoen

Een jaargetal verbergt hoe scheef de productie over het jaar verdeeld ligt. Onderstaande tabel geeft de maandopbrengst in kWh per kWp voor drie configuraties in Brussel: het zuiddak van 35 graden, hetzelfde vermogen vlak op een plat dak, en een oost-westopstelling van 15 graden. De laatste kolom toont welk aandeel van het jaartotaal elke maand levert bij het zuiddak.

Maandopbrengst in kWh per kWp in Brussel voor drie configuraties (PVGIS, 14 procent systeemverlies)
MaandZuid 35°Plat 0°Oost-west 15°Aandeel jaar (zuid 35°)
Januari38,118,218,53,7%
Februari52,231,531,75,0%
Maart90,067,767,38,7%
April120,0105,0103,511,6%
Mei126,6123,9121,612,2%
Juni124,2127,8125,512,0%
Juli125,2126,3124,112,1%
Augustus113,0105,1103,510,9%
September99,979,778,99,6%
Oktober72,147,147,06,9%
November44,022,622,94,2%
December33,414,314,63,2%
Jaar1.038,7869,2859,1100%

De zomerhelft van april tot en met september levert 709 kWh per kWp, ofwel 68 procent van het jaar. De winterhelft van oktober tot en met maart levert 330 kWh, ofwel 32 procent. Mei is de sterkste maand, niet juni, omdat de langere dagen in juni gecompenseerd worden door meer bewolking en hogere paneeltemperaturen.

Staafdiagram van de maandopbrengst van zonnepanelen in kilowattuur per kilowattpiek van januari tot december
Twee derde van de jaaropbrengst valt tussen april en september. December levert 3,2 procent van het jaartotaal.

De vergelijking tussen de kolommen levert het meest onderschatte inzicht van deze pagina op. In juni produceert het platte dak méér dan het zuiddak: 127,8 tegenover 124,2 kWh per kWp. In december produceert het platte dak minder dan de helft: 14,3 tegenover 33,4. Helling koopt dus geen zomerproductie, helling koopt winterproductie. Wie zijn panelen steiler zet, verschuift opbrengst van de zomer naar de winter, en dat is precies de periode waarin je verbruikt en waarin de stroom het meest waard is.

Opbrengst in de winter

Van december tot en met februari haalt het referentiedak samen 123,7 kWh per kWp, ofwel 11,9 procent van het jaar. Voor een installatie van 5 kWp is dat 619 kWh over drie maanden, tegenover een verbruik dat in die maanden juist het hoogst ligt. Dat is de reden waarom een zonne-installatie in Vlaanderen zelden een winterrekening wegneemt. Wie de winterproductie belangrijk vindt, kiest een steilere hellingshoek. Op 60 graden zuid levert december 40,0 kWh per kWp in plaats van 33,4, ofwel 20 procent meer, en zakt het jaartotaal maar van 1.039 naar 990 kWh. Een verticale zuidgevel gaat nog verder: die haalt in december 39,0 kWh per kWp, dus meer dan het zuiddak van 35 graden, terwijl het jaartotaal 28 procent lager ligt. Voor balkon- en gevelpanelen is dat het sterkste argument dat er bestaat.

5. Opbrengst per dag, per uur en live meekijken

Gemiddeld over het hele jaar levert het referentiedak 2,85 kWh per kWp per dag. Achter dat gemiddelde zit een enorme spreiding. Een gemiddelde junidag levert 4,14 kWh per kWp, een gemiddelde decemberdag 1,08 kWh. Een junidag is dus bijna vier keer een decemberdag. Voor een installatie van 5 kWp betekent dat ongeveer 20,7 kWh op een gemiddelde junidag en 5,4 kWh op een gemiddelde decemberdag. Een heldere zomerdag kan daar nog ruim boven uitkomen, een grijze decemberdag levert soms nauwelijks 1 kWh in totaal.

Wie zijn opbrengst live wil volgen, kijkt naar de app van de omvormer of naar de portaalsite van de fabrikant. Die tonen de dagcurve per kwartier of per vijf minuten. Nuttiger dan het totaal is de vorm van die curve: een vloeiende klok wijst op een schaduwvrij dak, een curve met een scherpe hap eruit op een schoorsteen of een boom. Wie zijn afname naast zijn opwek wil leggen, heeft daarvoor de kwartierdata nodig die de digitale meter registreert.

Waarom je omvormer kleiner is dan je paneelvermogen

Bijna elke installatie krijgt een omvormer met minder wisselstroomvermogen dan het piekvermogen van de panelen, bijvoorbeeld een omvormer van 5 kW bij 6 kWp aan panelen. Dat lijkt zonde, maar het is doelbewust. Een dak bereikt zijn nominale piekvermogen alleen bij 1.000 watt instraling per vierkante meter én een celtemperatuur van 25 graden, en die twee komen in België nooit samen voor. In de praktijk kap je met een omvormer op 83 procent van het paneelvermogen enkele tientallen kilowattuur per jaar af, en bespaar je meer op de omvormer dan die kilowattuur waard zijn. Een offerte die dit uitlegt, is een goed teken.

6. Waarom jouw jaar afwijkt van het modeljaar

Alle waarden op deze pagina zijn langjarige gemiddelden over de periode 2005 tot en met 2020. Een concreet kalenderjaar wijkt daar altijd van af, in beide richtingen. Een zonnige lente kan een jaar vijf tot tien procent boven het gemiddelde tillen, een sombere zomer evenveel eronder. Wie zijn eerste jaar naast het modelgetal legt en meteen conclusies trekt over de kwaliteit van zijn installatie, meet vooral het weer.

Er is nog een reden waarom je eigen cijfer afwijkt. Een model kent je horizon in grote lijnen, maar niet je buurmans populier, niet de dakkapel van drie meter verderop en niet de laag mos op de onderste rij. Reken pas na drie volledige kalenderjaren af met je installatie, en vergelijk dan het gemiddelde van die drie jaren met het modelcijfer. Wijkt dat gemiddelde meer dan tien procent af, dan is er iets structureel aan de hand en niet iets meteorologisch.

7. Wat je opbrengst omlaag haalt: schaduw, vuil en hitte

Naast de systeemverliezen die al in het model zitten, zijn er drie factoren die een specifiek dak onder de modelwaarde duwen. Ze verschillen sterk in grootte, en juist de factor waar het meest over geschreven wordt, is de kleinste van de drie. In volgorde van belang: schaduw, vervuiling en temperatuur.

Schaduw is veruit de grootste post

Schaduw zit niet in een standaardberekening en is tegelijk de enige factor die tientallen procenten kan kosten. Bij panelen die in serie geschakeld zijn, trekt één beschaduwd paneel de hele string omlaag, want de zwakste schakel bepaalt de stroom. Een schoorsteen die tussen elf en twee uur een halve rij bestrijkt, kan een dubbel zo groot verlies veroorzaken als het beschaduwde oppervlak doet vermoeden. Vermogensoptimizers of micro-omvormers beperken die schade doordat elk paneel zijn eigen werkpunt krijgt, maar ze kosten geld en ze halen de schaduw niet weg. De juiste volgorde is: eerst de boom snoeien, dan pas elektronica kopen.

Vervuiling kost minder dan reinigingsbedrijven beweren

Over vervuiling circuleren wilde cijfers. Reinigingsbedrijven noemen 10 tot 20 procent, eneco.be schrijft dat de opbrengst per jaar tot 3 à 4 procent kan afnemen als je niet regelmatig laat schoonmaken. Test-Aankoop, dat niets te verkopen heeft, komt bij installaties met enkel stofaanslag uit op gemiddeld ongeveer 5 procent verlies op de maximale opbrengst, met uitschieters tot 25 procent in extreme gevallen. Voor 5 kWp komt die 5 procent neer op ongeveer 250 kWh per jaar, door dezelfde bron gewaardeerd op ongeveer 90 euro. Omdat een professionele poetsbeurt al gauw meer dan 200 euro kost, rendeert reinigen bij enkel stof niet. Bij mos, korstmos of vogelpoep verandert die rekensom wel, want dat spoelt de regen er niet af.

Warm weer verlaagt het momentane vermogen

Zonnepanelen presteren beter bij koud en helder weer dan bij bloedhete dagen. De temperatuurcoëfficiënt van een gangbaar paneel ligt rond 0,35 tot 0,45 procent minder vermogen per graad celtemperatuur boven de 25 graden. Panelen worden zelf 20 tot 35 graden warmer dan de buitenlucht, dus bij 30 graden buiten zit het paneel al snel op 55 tot 60 graden. Dat is 30 tot 35 graden boven de testconditie en kost dus 12 tot 16 procent momentaan vermogen. Dat verklaart waarom een heldere aprildag van 15 graden een hoger piekvermogen laat zien dan een hittedag in juli. Op jaarbasis is het effect al verrekend in de 14 procent systeemverlies, dus tel het niet dubbel.

8. Degradatie: wat je dak over 25 jaar levert

Panelen leveren elk jaar iets minder dan het jaar ervoor. Moderne panelen degraderen volgens de gangbare fabrikantgaranties met 0,25 tot 0,55 procent per jaar, oudere referenties noemen 0,5 tot 0,8 procent. De industriestandaard voor de vermogensgarantie is 80 procent restvermogen na 25 jaar; betere merken garanderen 87 procent of meer. Onderstaande doorrekening gebruikt 0,5 procent per jaar als middenwaarde, toegepast op het referentiedak van 1.039 kWh per kWp.

Verwachte opbrengst over de levensduur bij 0,5 procent degradatie per jaar, uitgaand van 1.039 kWh per kWp in jaar 1
JaarRestvermogenkWh per kWp5 kWp in dat jaar
1100,0%1.0395.194 kWh
598,0%1.0185.091 kWh
1095,6%9934.965 kWh
1593,2%9684.842 kWh
2090,9%9444.722 kWh
2588,7%9214.605 kWh
3086,5%8984.491 kWh

Over 25 jaar telt dat op tot 122.338 kWh voor een installatie van 5 kWp, tegenover 129.838 kWh als er geen degradatie zou zijn. Het cumulatieve verlies bedraagt dus 5,8 procent over een kwarteeuw. Dat is minder dan één jaar met een slecht gesnoeide boom voor je dak. Wie zich zorgen maakt over de opbrengst na tien jaar, kan gerust zijn: op dat moment levert een normaal paneel nog ruim 95 procent. De omvormer is de component die eerder aan vervanging toe is, doorgaans ergens tussen jaar tien en jaar vijftien.

9. Opbrengst per paneel, per vierkante meter en per installatie

Het gangbare paneelformaat in 2026 is 1.762 bij 1.134 millimeter, ofwel bijna precies 2 vierkante meter, met een vermogen van 430 tot 460 Wp. Een paneel van 430 Wp levert op het referentiedak dus 0,430 maal 1.039, ofwel ongeveer 447 kWh per jaar. Per vierkante meter dakoppervlak komt dat neer op ongeveer 224 kWh per jaar. Let op dat dit het bruto paneeloppervlak is: door de tussenruimte en de dakranden heb je in de praktijk meer dakvlak nodig dan de som van de panelen.

Die verhouding verklaart ook waarom oudere vergelijkingen misleiden. Cebeo rekent op de eerste zoekpagina nog met een paneel van 300 watt dat 250 tot 300 kWh per jaar levert. Dat klopte voor zijn tijd, maar het is geen bruikbare eenheid meer: een paneel is vandaag geen 300 maar 430 tot 460 Wp, en de opbrengst per paneel is dus met ruim veertig procent gestegen. Reken daarom altijd in kWp en niet in panelen, want alleen kWp blijft over de jaren heen vergelijkbaar.

Wat 6, 10 of 16 panelen opleveren

Voor wie in panelen denkt in plaats van in kilowattpiek: bij panelen van 430 Wp op het referentiedak leveren 6 panelen 2,58 kWp en ongeveer 2.680 kWh per jaar. Tien panelen zijn 4,30 kWp en ongeveer 4.466 kWh. Zestien panelen zijn 6,88 kWp en ongeveer 7.146 kWh, ofwel bijna 19,6 kWh per dag gemiddeld. Ligt je dak op het westen, vermenigvuldig die getallen dan met 0,78. Hoe je van je eigen verbruik naar het juiste aantal komt, staat op de pagina over het aantal panelen dat bij je gezin past.

10. Van kilowattuur naar euro: zelfverbruik bepaalt de waarde

Hier gaat het bij de meeste offertes mis. Opgewekte kilowattuur en verdiende euro zijn in Vlaanderen twee verschillende grootheden geworden. Een kilowattuur die je op het moment van opwek zelf verbruikt, bespaart je het volledige afnametarief van ongeveer 0,2738 euro all-in, het bedrag dat Selectra in augustus 2026 op basis van CREG-cijfers noemt voor een gemiddeld Vlaams gezin. Een kilowattuur die je injecteert, levert alleen de injectievergoeding op, grofweg 0,03 tot 0,08 euro. Het verschil is meer dan een factor vijf.

Onderstaande tabel rekent dezelfde 5.194 kWh van een installatie van 5 kWp door bij verschillende zelfverbruikpercentages, met 0,2738 euro als afnametarief en 0,05 euro als injectievergoeding. Zonder sturing of batterij haalt een Vlaams gezin doorgaans 30 tot 35 procent zelfverbruik.

Waarde van 5.194 kWh jaaropbrengst bij verschillende zelfverbruikpercentages (0,2738 euro afname, 0,05 euro injectie)
ZelfverbruikZelf verbruiktWaarde eigen verbruikGeïnjecteerdWaarde injectieTotaal per jaarPer opgewekte kWh
20%1.039 kWh284 euro4.155 kWh208 euro492 euro9,5 cent
30%1.558 kWh427 euro3.635 kWh182 euro608 euro11,7 cent
35%1.818 kWh498 euro3.376 kWh169 euro666 euro12,8 cent
50%2.597 kWh711 euro2.597 kWh130 euro841 euro16,2 cent
70%3.635 kWh995 euro1.558 kWh78 euro1.073 euro20,7 cent

Dezelfde installatie, dezelfde zon, dezelfde 5.194 kWh, en toch een verschil van 581 euro per jaar tussen het onderste en het bovenste scenario. Dat verklaart ook waarom een oost-westopstelling die 17 procent minder opwekt, financieel kan winnen van een zuidopstelling: de bredere curve overlapt beter met je ochtend- en avondverbruik. Twee zaken maken die rekensom sinds kort scherper. Sinds 1 april 2026 krijg je geen vergoeding meer voor een negatief saldo en wordt dat saldo ook niet meer overgezet, dus overproductie in de zomer compenseert je winter niet langer. En het capaciteitstarief kijkt alleen naar afname: injectie telt niet mee voor je kwartierpiek, dus veel injecteren verhoogt je netfactuur niet, maar verlaagt hem ook niet. Wat de injectievergoeding precies oplevert bij welke leverancier, staat op de pagina over de vergoeding voor geïnjecteerde stroom.

11. Zelfverbruik verhogen zonder je leven te herschikken

Omdat elke procent zelfverbruik ongeveer 11,6 euro per jaar waard is bij een installatie van 5 kWp, loont het om die hefboom te gebruiken. De goedkoopste stappen kosten niets. Zet de vaatwasser en de wasmachine op uitgestelde start rond het middaguur in plaats van 's avonds. Verwarm je sanitair warm water met een boiler of warmtepompboiler tussen elf en drie in plaats van 's nachts. Alleen die twee gewoonten tillen een gemiddeld gezin doorgaans van rond de 30 procent naar boven de 40 procent.

De volgende stap kost wel geld. Wie een elektrische wagen thuis laadt, verplaatst het grootste stuk verbruik van het jaar en kan het zelfverbruik richting 60 tot 70 procent duwen, mits de wagen overdag thuis staat of de laadsessie gestuurd wordt op overschot. Zie daarvoor de pagina over thuis laden met een laadpaal. Een warmtepomp voor de verwarming werkt in de andere richting: die verbruikt vooral in de winter, wanneer je panelen het minst leveren, en verhoogt je zelfverbruik dus minder dan verwacht. Een thuisbatterij verschuift de overschotten van de dag naar de avond; hoe groot die dan moet zijn, staat bij de juiste batterijcapaciteit kiezen.

Let bij het verschuiven van verbruik wel op je afnamepiek. Alles tegelijk laten draaien tussen twaalf en één verhoogt je kwartierpiek op de momenten dat de zon net wegvalt achter een wolk, en dat kost je via het capaciteitstarief op je kwartierpiek geld terug. Spreiden binnen het middagvenster is beter dan stapelen. En omdat het afnametarief bepaalt hoeveel elke zelfverbruikte kilowattuur waard is, loont het ook om je energiecontract periodiek te vergelijken.

12. Een opbrengstbelofte in een offerte toetsen

Een offerte noemt bijna altijd een verwachte jaaropbrengst in kilowattuur. Dat getal is de gemakkelijkste plek om een aanbod mooier te laten lijken dan het is, want niemand controleert het en pas na drie jaar weet je of het klopte. Met de tabellen op deze pagina kun je het in tien minuten narekenen. Deel de beloofde kilowattuur door het piekvermogen in kWp. Vergelijk het resultaat met de matrix uit sectie 3 voor jouw oriëntatie en helling. Wijkt het meer dan vijf procent af, vraag dan waar dat verschil vandaan komt.

Schematische weergave van dakoriëntatie en hellingshoek met de bijbehorende opbrengstindex voor zonnepanelen
Oriëntatie weegt zwaarder dan hellingshoek. Tussen 20 en 45 graden op het zuiden ligt alles binnen 4 procent van het maximum.

Zeven vragen bij elke opbrengstbelofte

Stel deze zeven vragen schriftelijk, zodat de antwoorden onderdeel worden van het aanbod. Met welk systeemverliespercentage is gerekend, en waarom dat percentage? Is schaduw verrekend, en zo ja op basis van welke opname? Welke oriëntatie en hellingshoek zijn ingevoerd, en kloppen die met het opmetingsverslag? Geldt het cijfer voor jaar 1 of is het een gemiddelde over de levensduur, en welke degradatie is aangenomen? Bevat de offerte ook een bedrag in euro, en met welk afnametarief, welke injectievergoeding en welk zelfverbruikpercentage is dat berekend? Zijn er panelen die op een ander dakvlak liggen, en is elk dakvlak apart doorgerekend? En ten slotte: wordt de belofte gegarandeerd, of is het een indicatie?

Een installateur die op alle zeven vragen een concreet antwoord geeft, heeft de berekening echt gemaakt. Wie afhoudt met de mededeling dat het een gemiddelde is, heeft een standaardgetal in een sjabloon gezet. Toets het bedrag in euro daarnaast altijd apart, want dat is de plek waar een optimistisch zelfverbruikpercentage of een verondersteld stijgende energieprijs de terugverdientijd kunstmatig verkort. Wat een installatie zelf kost en hoe die kosten zich tot deze opbrengst verhouden, lees je bij de kostprijs van een installatie, en welke steun er nog bestaat bij de actuele premies voor zonne-installaties.

Veelgestelde vragen

Hoeveel kWh levert 1 kWp zonnepanelen per jaar in België?

PVGIS berekent 1.039 kWh per kWp per jaar voor een dak in Brussel op het zuiden met 35 graden helling en 14 procent systeemverlies. Belgische bronnen publiceren meestal 850 tot 1.000 kWh per kWp, omdat zij een minder gunstige oriëntatie, een lagere helling of een hoger verliespercentage inrekenen. Aan de kust ligt de waarde hoger: Oostende komt bij dezelfde configuratie op 1.123 kWh per kWp.

Hoeveel levert 1 zonnepaneel per jaar op?

Een paneel van 430 Wp levert op een Belgisch zuiddak van 35 graden ongeveer 447 kWh per jaar. Per vierkante meter paneeloppervlak is dat ongeveer 224 kWh. Ligt hetzelfde paneel op het oosten of het westen, dan blijft daar respectievelijk 80 en 78 procent van over, dus ongeveer 358 en 349 kWh.

Hoeveel opbrengst verlies ik met panelen op het oosten of westen?

Op 35 graden helling levert oost 832 kWh per kWp en west 815 kWh, tegenover 1.039 kWh op het zuiden. Dat is 80 en 78 procent. Zuidoost en zuidwest doen het veel beter met 95 en 94 procent. Een oost-westopstelling van 15 graden komt gemiddeld op 859 kWh per kWp, ofwel 83 procent, maar spreidt de productie beter over de dag.

Wat is de ideale hellingshoek voor zonnepanelen in België?

PVGIS berekent 39 graden als optimaal voor Brussel, maar het verschil met 35 graden is slechts 0,2 procent. Tussen 20 en 45 graden op het zuiden blijft de opbrengst binnen 4 procent van het maximum. De hellingshoek van je bestaande dak is dus vrijwel nooit een reden om af te zien van panelen. Een steilere hoek verschuift wel opbrengst van de zomer naar de winter.

Hoeveel brengen zonnepanelen op per maand?

Per kWp levert het referentiedak 38,1 kWh in januari, 90,0 in maart, 126,6 in mei, 113,0 in augustus, 72,1 in oktober en 33,4 in december. Mei is de sterkste maand met 12,2 procent van het jaartotaal, december de zwakste met 3,2 procent. De zomerhelft van april tot september levert 68 procent van het jaar.

Hoeveel leveren zonnepanelen op in de winter?

December, januari en februari leveren samen 123,7 kWh per kWp, ofwel 11,9 procent van het jaartotaal. Voor een installatie van 5 kWp is dat ongeveer 619 kWh over drie maanden. Een gemiddelde decemberdag geeft 1,08 kWh per kWp, tegenover 4,14 kWh op een gemiddelde junidag. Wie meer winterproductie wil, kiest een steilere hellingshoek.

Hoeveel opbrengst verlies ik door vuile panelen?

Test-Aankoop komt bij installaties met enkel stofaanslag uit op gemiddeld ongeveer 5 procent verlies op de maximale opbrengst, in extreme gevallen tot 25 procent. Voor 5 kWp is 5 procent ongeveer 250 kWh per jaar, door dezelfde bron gewaardeerd op ongeveer 90 euro. Omdat een professionele poetsbeurt al gauw meer dan 200 euro kost, loont reinigen bij enkel stof niet. Bij mos of vogelpoep verandert die afweging wel.

Wat is het rendement van zonnepanelen na 10 en na 25 jaar?

Bij een degradatie van 0,5 procent per jaar leveren je panelen na 10 jaar nog 95,6 procent en na 25 jaar nog 88,7 procent van hun oorspronkelijke vermogen. Cumulatief kost degradatie je over 25 jaar ongeveer 5,8 procent van de totale opbrengst. De industriestandaard voor de vermogensgarantie is 80 procent na 25 jaar, betere merken garanderen 87 procent of meer. De omvormer gaat doorgaans korter mee dan de panelen.